Een korte samenvatting van het artikel, geschreven door onderzoeker Jan Cremers wat op 29 december 2025 is gepubliceerd door European Journal of Industrial Relations – In politieke en academische debatten over grensoverschrijdende arbeidsmobiliteit wordt vaak verondersteld, dat arbeidsmigranten vrij beslissen om te verhuizen en rationeel reageren op economische informatie zoals inkomensverschillen. Onderzoek naar arbeidsmigratie heeft tot dusver weinig aandacht besteed aan de feitelijke rol van de arbeidswervingsindustrie.
De arbeidswervingsindustrie ontwikkelt ‘legale’ strategieën om commercieel voordeel te halen uit de vraag- en aanboddynamiek van de mondiale arbeidsmarkt. Bedrijven die een vraag naar arbeid hebben in bestemmingslanden vormen met hun vraag de belangrijkste drijvende kracht achter deze markt. Dit heeft geleid tot de groei en commercialisering van een industrie van ‘arbeidsaanbieders’, bestaande uit internationale wervingsbureaus en andere winstgerichte intermediairs die zich met veel meer bezighouden dan alleen het organiseren van de ruimtelijke verplaatsing van werknemers. Deze wervingsindustrie is actief binnen de EU en, naarmate de bronnen in EU-landen opdrogen, ook in derde landen.
Deze wijze van aanwerving van personeel heeft een grote risico op een afhankelijkheidsrelatie voor zowel EU-burgers als derdelanders, met ernstige risico’s op benadeling en uitbuiting. Dit draagt bij aan de segmentatie van arbeidsmarkten langs lijnen van migratiestatus.
Recruiters opereren vaak niet als formele bedrijven, wat regulering en toezicht bemoeilijkt. Zij functioneren als tussenpersonen in herkomstlanden en verdienen commissies voor elke werknemer die zij werven. Als gevolg daarvan arriveren werknemers zonder sociaal vangnet, hooguit vergezeld door vrienden of partners.
Praktijken binnen de internationale wervingsindustrie kunnen migrerende werknemers blootstellen aan een breed scala aan risico’s op misbruik en/of slechte behandeling, vaak in een grijs gebied tussen ‘volledig’ legaal en illegaal. Onderaanneming floreert in een sector met lage toetredingsdrempels, minimale kapitaalvereisten en vaak geen noodzaak voor vaste bedrijfslocaties, waardoor zij een voedingsbodem vormt voor kunstmatige constructies en ‘virtuele’ kantoren. Ondanks internationale institutionele aandacht voor het misbruik van migrerende werknemers (bijv. Europese Commissie, 2013) hebben studies risico’s geïdentificeerd die uiteenlopen van het omzeilen of schenden van lokale arbeidsnormen tot mensenhandel en gedwongen arbeid, waaronder:
- Verborgen en/of buitensporige kosten die aan werknemers worden doorberekend, resulterend in schuldgebondenheid.
- Eenzijdige wijzigingen van arbeidsvoorwaarden, waaronder frauduleuze voorstelling van banen en lonen.
- Niet-betaling of onderbetaling van lonen en andere vormen van directe arbeidsuitbuiting.
- Willekeurige boetes en andere inhoudingen.
- Sociale isolatie en slechte huisvestings- en leefomstandigheden.
- Beperkingen van de vrije verplaatsing in bestemmingslanden en het onvermogen om van werkgever te veranderen voor derdelanders.
- Inhouding van paspoorten, identiteitsbewijzen of reisdocumenten.
- Andere vormen van doelbewuste uitbuiting van werknemers en schendingen van mensenrechten.
Bron van uitbuiting
De International Labour Organization (ILO) benadrukt al langere tijd dat recruiters een goed gedocumenteerde bron vormen van de uitbuiting van migrerende werknemers.
Een belangrijke bron van illegale winsten bestaat uit onrechtmatige wervingskosten en aanverwante uitgaven die slachtoffers vaak zelf moeten dragen: de ILO schat dat wervingskosten goed zijn voor 26% van de illegale winsten die verband houden met de uitbuiting van migrerende arbeid. Deze kosten kunnen in rekening worden gebracht door werkgevers, wervings- of reisintermediairs, of door corrupte ambtenaren die steekpenningen of commissies eisen.
Om wervingskosten en gerelateerde uitgaven te betalen en zo een baan of plaatsing veilig te stellen, gaan veel werknemers zware schulden aan. Naast kosten voor de werving zelf (het koppelen van werknemers uit het ene land aan een werkgever in een ander land) worden ook kosten gerekend voor het afhandelen van bijbehorend papierwerk en documentatie, voor het organiseren van reis en vervoer naar de bestemming, en voor het reserveren van accommodatie onderweg en bij aankomst. In het geheel genomen dragen migranten zelf de kosten van hun werving en migratie, in plaats van het gebruikersbedrijf.
Fictieve administratieve kosten en het in rekening brengen van een reeks dubieuze vergoedingen of inhoudingen leiden tot situaties van schuldgebondenheid. Schulden maken werknemers nog afhankelijker van hun werkgever en kwetsbaarder voor misbruik, terwijl de mogelijkheid om over betere arbeidsvoorwaarden te onderhandelen vrijwel niet bestaat.
Mobiele EU-burgers zijn niet altijd op de hoogte van de toepasselijke wetgeving en jurisprudentie in het gastland waar zij zullen werken. Onderzoek in de Baltische regio toonde bijvoorbeeld aan dat onder EU-burgers die werden gerekruteerd om in het buitenland te werken, schuldgebondenheid ontstond door loonvoorschotten of leningen om wervings- of vervoerskosten te dekken, of door kosten van levensonderhoud of noodgevallen, zoals medische uitgaven. In de meeste gevallen van schuldgebondenheid nam de oorspronkelijke schuld toe als gevolg van looninhouding, manipulatie van rekeningen en/of buitensporig hoge rentepercentages die niet konden worden opgebracht, waardoor betrokkene het werk niet kon verlaten omdat de schuld bleef oplopen en niet kon worden afbetaald met het ontvangen loon.
Na de EU-uitbreidingen van 2004 en 2007 nam het aandeel niet-standaardarbeidscontracten toe, wat resulteerde in een afnemende dekking van werknemersrechten, sociale zekerheid en collectieve arbeidsovereenkomsten. De oostelijke uitbreiding vergrootte de druk op loonkosten door grotere loonverschillen en stimuleerde bedrijfsstrategieën die gericht zijn op het besparen van arbeidskosten.
Slechte arbeidsomstandigheden en vervreemding
Een bron beschrijft praktijken van particuliere arbeidsbemiddelingsbureaus en werkgevers die hebben bijgedragen aan het ontstaan van een specifieke niche binnen lokale arbeidsmarkten, gekenmerkt door slechte arbeidsomstandigheden en een hoge mate van vervreemding. Misleidende informatie door internationale wervingsintermediairs doet zich ook voor bij meer gekwalificeerde, maar nog steeds kwetsbare werknemers, zoals verpleegkundigen. Via onjuiste informatie worden zorgfuncties beloofd, terwijl zij bij aankomst worden ingezet in afhankelijke zorgfuncties.
Lees hier verder (origineel bericht)
