Flexnieuws, 30 mei 2026 – De formele scheiding tussen werken en wonen stelde volgens rechter in de praktijk niet veel voor. En dus werd conflict met huurder ook een arbeidsconflict.
Mag een uitzendbureau dat ook de huisvesting van haar arbeidsmigranten regelt, de woning van een werknemer binnengaan zonder toestemming? En als een zusterorganisatie die huisvesting formeel beheert, maar het uitzendbureau er feitelijk nauw bij betrokken is, wie is er dan verantwoordelijk als het misgaat?
[ ]De afweging van de rechter
De kantonrechter legde de formele scheiding tussen OTTO en Labour Housing naast de feitelijke praktijk, en concludeerde dat die twee ver uit elkaar lagen.
De huurovereenkomst stond op briefpapier van OTTO, met OTTO als ondertekenaar en de werknemer aangeduid als “werknemer” in plaats van “huurder”. De huurkosten werden ingehouden op het salaris van OTTO. Het personeelshandboek van OTTO bevatte uitgebreide informatie over de huisvesting, inclusief een eigen ‘welfare officer’ voor huisgerelateerde klachten. In de praktijk werden inspecties deels door OTTO-medewerkers uitgevoerd en behandelde OTTO de klachten van de werknemer over de inspecties, zonder hem door te sturen naar Labour Housing. Zelfs het incident van 29 december 2025 werd door een Labour Housing-medewerker gerapporteerd aan OTTO.
De rechter oordeelde dat arbeidsrelatie en huisvesting in dit geval zo sterk met elkaar verweven waren, dat de zorgplicht van OTTO als werkgever zich ook uitstrekte tot de woonsituatie. OTTO had Labour Housing moeten aansturen, controleren en corrigeren. Dat had zij niet gedaan. Integendeel: zij had de klachten van de werknemer jarenlang genegeerd. Daarmee handelde OTTO ernstig verwijtbaar.
Lees hier verder (origineel bericht)
